Column

De afgelopen winter heeft staatsbosbeheer de stand van de Bevers in de Hoeksche Waard in beeld gebracht. De beste manier om te weten te komen hoeveel Bevers er in een gebied leven is het aantal burchten te tellen. In die burchten leven de Bevers alleen, met z’n tweeën en na verloop van tijd als familie. Omdat het aantal Bevers per burcht lastig is in te schatten blijft het een gok om te bepalen hoeveel Bevers er nu echt leven in de Hoeksche Waard. In totaal zijn er 28 burchten gevonden en moest daarvoor alle buitendijkse natuurgebieden die rond de Hoeksche Waard liggen afstruinen. In de Oeverlanden Hollands Diep, tussen Strijensas en Numansdorp zijn de meeste burchten gevonden, in totaal 15. Dat is niet zo verwonderlijk, omdat dit natuurgebied het dichtst bij de Biesbosch ligt, waar vandaan de migratie van Bevers onze kant op is begonnen. Meer westelijk, op Tiengemeten en op de Korendijkse Slikken zijn 3 burchten gevonden. Ook de natuurgebieden langs de Oude Maas zijn inmiddels een bolwerk voor Bevers geworden. Hier zijn 10 burchten gevonden. Met het tellen van de burchten ben je er nog niet. De Bevers hebben zomer- en winterburchten. De zomerburchten worden gebouwd als het waterpeil op de rivier begint te zakken. De ingang van de winterburcht komt boven water. Dat maakt de burcht onveilig om jongen groot te brengen. Wij schatten daarom in dat er nu 14 burchten bewoond zijn, 7 door koppels en 7 door solitaire dieren. Als die zeven koppels ieder 4 jongen grootbrengen zijn dat bij elkaar 42 dieren. Tel daarbij op de 7 solitaire dieren dan kom je op 49 Bevers in de zomer voor de hele Hoeksche Waard. Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten en Hoeksche Waards Landschap zien het voorkomen van de Bever als een aanwinst, omdat het een mooi beest is en omdat hij bijdraagt aan gevarieerde natuur. Hoe de stand zich verder ontwikkelt is de vraag. De meesten, die iets van Bevers weten, gaan ervan uit dat de Hoeksche Waard op een gegeven moment ‘vol’ is en ze naar het westen geschikte gebieden zoeken. (bron: De Weekkrant)